Ex-topman Ahold krijgt geldboete

vrijdag 30 januari 2009




Cees van der Hoeven komt onder grote belangstelling aan bij de rechtbank.
(Foto Maurice Boyer)


Amsterdam, 28 jan. Diepe teleurstelling en grote tevredenheid verdeelde vandaag de vier voormalige bestuursleden van het supermarktconcern Ahold na het aanhoren van het vonnis van het Gerechthof Amsterdam in het hoger beroep van de strafzaak die tegen hen was aangespannen wegens valsheid in geschrifte.

De zogeheten Ahold-affaire heeft een onverwachte ontknoping gekregen. Het Gerechtshof in Amsterdam veroordeelde in hoger beroep drie van de vier terechtstaande oud-bestuurders van het supermarktconcern tot mildere straffen dan het vonnis van de rechtbank in de eerste aanleg in mei 2006.

De voormalige financiële topman van het concern, Michel Meurs kreeg de hoogste straf opgelegd, een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden, een werkstraf van 240 uur en een geldboete van 100.000 euro. Het hof wees hem aan als de kwade genius die een plan had gesmeed om de accountant om de tuin te leiden.

Via een stelsel van valselijk opgemaakte aanvullingen op de aandeelhoudersovereenkomsten met verschillende dochterondernemingen (zogeheten side letters) wilde hij de indruk wekken dat Ahold feitelijk de zeggenschap had over die dochters.

Dat was een eis van de accountant om te voldoen aan het Amerikaanse jaarrekeningenrecht waaraan Ahold gehouden was omdat het ook in de VS beursgenoteerd was.

De constructie was zo, dat de directeuren van de dochterondernemingen met Meurs eerst een overeenkomst tekenden waarin zij hun vetorecht opgaven en vervolgens een tweede brief opstelden die de inhoud van de eerste herriep. Meurs verzweeg het bestaan van die tweede serie documenten vor de accountant.

Met zijn malversaties sleepte Meurs de hoogste baas van Ahold, Cees van der Hoeven, en medebestuurder Jan Andreae mee in zijn kielzog. Volgens het Hof was Andreae op de hoogte van in ieder geval een deel van de fraude toen hij in opdracht van Meurs twee tegengestelde contracten liet tekenen bij Aholddochter ICA in Zweden. Hij greep niet in en kreeg daarom drie maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en een geldboete van 50.000 euro opgelegd.

Topman Van der Hoeven was ook al op de hoogte van de fraude voordat het nieuws in februari 2003 naar buiten kwam. Het Hof kon niet bewijzen dat Van der Hoeven voor 16 november 2002 op de hoogte was van de malversaties.

Op die dag kreeg hij een telefoontje van Meurs waarin hij, naar zijn zeggen voor het eerst, hoorde van het bestaan van de tweede side letter. Dat hij toen niet ingreep, is hem te verwijten. „Als gevierd CEO had u moeten zeggen: dit kan zo niet”, wreef de voorzitter van het Hof mr. Aben hem in. Van der Hoeven kreeg een geldboete van 30.000 euro.

Van der Hoeven en zijn advocaten, die hadden gehoopt op vrijspraak, waren niettemin blij met het vonnis. „Ik ben blij, in die zin dat het Hof heeft bevestigd dat ik het pas wist vanaf november 2002. Dat heb ik ook altijd gezegd en daarover heb ik ook altijd mijn spijt betuigd”, zei Van der Hoeven na afloop van de zitting. Zijn raadsheer Micha Wladimiroff zei „Het voelt toch als een vorm van rehabilitatie.”

Andreae zei in een reactie „diep teleurgesteld” te zijn. Hij was overtuigd van zijn onschuld en rekende daarom op vrijspraak. Zijn veroordeling voelt hij daarom „als een klein dreuntje”.

Meurs verliet de rechtszaal spoorslags nadat het vonnis was uitgesproken en was daardoor niet beschikbaar voor commentaar op zijn veroordeling.

De Zweedse commissaris Roland Fahlin werd vrijgesproken, net als eerder door de rechtbank. Hoewel hij vrijwel alle zittingen van het hoger beroep bijwoonde, was hij nu opvallend afwezig op de dag van het vonnis. „Hoe de uitspraak ook zou zijn, hij voelde zich prettiger in de boezem van zijn gezin”, lichtte zijn raadsman, Jan Sjöcrona, toe.

nrc.next
28-1-09'

0 reacties: